Quantumfysica

Een aantal natuurkundigen, onder wie Albert Einstein, formuleerden begin 20e eeuw de quantumfysica (ook wel quantumtheorie of quantummechanica genoemd). Deze geleerden hebben onafhankelijk van elkaar ontdekt dat materie in wezen niet bestaat en er geen massieve voorwerpen zijn.
Dus de meubels thuis en de auto waarin we rijden zitten eigenlijk heel anders in elkaar, of liever gezegd, helemaal niet. Meubels, auto's, maar ook mensen zijn, net als alle andere levende wezens, een samenballing van energie, in een energieveld dat met alle andere dingen in de wereld verbonden is. Dit energieveld is de stuwende kracht achter zowel ons leven als ons bewustzijn.

We kennen allemaal het principe van de kleine bouwstenen waaruit alles is opgebouwd, de moleculen. We weten ook dat moleculen uit nog kleinere bouwstenen bestaan, namelijk atomen. Iedereen heeft vast wel eens een plaatje van een atoom gezien en kan daaruit concluderen dat ook een atoom uit diverse onderdelen bestaat.
Bekend is ook dat er rond de kern van een atoom altijd, zonder ophouden, satellieten (protonen, neutronen, elektronen) draaien en inmiddels is ook bekend dat zelfs de atoomkern uit nog weer kleinere onderdelen (quarks en gluonen) bestaat die ook constant in beweging zijn. Natuurlijk zijn wetenschappers druk in de weer om ook atoomkernen uit elkaar te halen. Dat ze dat gelukt is weten we allemaal. Één van de minder gelukkige uitvindingen dankzij de kernsplitsing is de kernbom. Een andere uitvinding is juist weer heel erg nuttig in de medische wereld: röntgenfoto's. Atomen stralen namelijk diverse 'vreemde energieën' uit, zoals röntgenstralen en radioactiviteit.
Een volgende ontdekking was dat de beweging van zelfs de allerkleinste waarneembare deeltjes doorging bij een temperatuur van -273,15 C°, het absolute nulpunt. Er is dus altijd beweging, energie.

Het feit dat energie en materie hetzelfde is, is precies wat Einstein inzag toen hij concludeerde: E=mc². Eenvoudig (?) gezegd houdt deze vergelijking in: energie (E) = materie (m, massa) vermenigvuldigd met de lichtsnelheid (c) in het kwadraat.
Einstein onthulde dat we niet in een universum met afzonderlijke fysieke objecten leven die door dode ruimte worden gescheiden: het universum is één ondeelbaar, dynamisch geheel waarin energie en materie zo sterk verstrengeld zijn dat ze onmogelijk als onafhankelijke elementen kunnen worden beschouwd.
Einstein's formule is eigenlijk een recept voor de hoeveelheid energie die nodig is om het verschijnsel dat wij massa (materie) noemen te veroorzaken. Het betekent dus dat er geen twee elementaire fysische entiteiten zijn, de één immaterieel en de andere materieel, maar slechts één: energie.
Alles in onze wereld, alles wat je beet kunt pakken – het maakt niet uit hoe groot de dichtheid ervan is, of hoe zwaar of wat het formaat van het object is – op het meest fundamentele (sub-atomische) niveau komt het er op neer dat alles een samenballing van elektrische ladingen is, die een wisselwerking onderhoudt met een achtergrondzee van elektromagnetische en andere energetische velden – een soort elektromagnetische rem. Massa is energie, en die energie is meetbaar als trilling of frequentie.
Licht heeft een veel hogere frequentie dan een tafel, het één is alleen maar zichtbaar en het andere ook nog tastbaar. En iedereen kent de trillende geluidsboxen bij harde muziek en iedereen vindt het logisch dat radio- en televisiegolven onzichtbaar en praktisch zonder tijdverlies door de lucht reizen en binnenkomen bij toestellen die ingeschakeld zijn. Men vindt het ook heel normaal dat je dan ook nog uit talloze verschillende kanalen (frequenties) kunt kiezen. Of wat dacht je van een mobieltje? Hetzelfde principe en helemaal geaccepteerd. Na deze voorbeelden is het wel duidelijk dat er helemaal niks zweverigs of geheimzinnigs aan de hand is, maar dat we hier te maken hebben met de werkelijkheid van alle dag.

Alles heeft dus een eigen, specifieke trilling of frequentie. En we weten ook dat trillingen hoorbaar kunnen zijn als we aan muziek denken. Vanaf 1991 hebben quantumwetenschappers gedemonstreerd dat het ook mogelijk is specifieke moleculaire signalen over te dragen met zulke eenvoudige middelen als een versterker en elektromagnetische spoelen. Vier jaar later zijn ze erin geslaagd deze signalen op te nemen en af te spelen met een multimedia-computer. Na duizenden experimenten hebben ze het gepresteerd de activiteit (trillingen) van moleculen op de harde schijf van een computer vast te leggen en ze aan een plant laten horen of voelen. Van die plant wisten de geleerden dat het normaal gesproken gevoelig is voor de desbetreffende stof. De plant liet zich misleiden en reageerde alsof het communiceerde met de stof zelf en vertoonde een biologische kettingreactie.
De reactie was precies zoals het zou hebben gedaan onder invloed van de echte molecule. De onontkoombare conclusie: moleculen spreken via trillingen (frequenties) met elkaar. Het meest verbluffende experiment was wel dat het signaal zelfs per e-mail of informatiedrager (bijvoorbeeld water!) naar de andere kant van de wereld kon worden gezonden en werkte.
Wij zijn slechts op een beperkt aantal frequenties afgestemd (misschien maar goed ook), en dit gaat helemaal vanzelf. Het is helaas wel zo dat in onze moderne samenleving het aantal belastende trillingen waar we aan blootgesteld worden steeds groter wordt (Gsm, beeldschermen, magnetron, radar, etc), en het is moeilijk om je hiervoor af te schermen. Deze trillingen dragen bij aan veel ziekteverschijnselen, waarvan stress er eentje is.

Bliss You! maakt therapeutisch van de quantumfysica gebruik door de negatieve trillingen te lijf te gaan met positieve. Een standaard onderdeel van de therapie bestaat uit druppels waaraan de frequenties zijn toegevoegd waarvan tijdens het consult is gebleken dat ze heilzaam zijn voor de cliënt.